Walstroomvoorzieningen in havens

De BBZ en Boat Bike Tours hebben een inventarisatie gemaakt van de walstroomvoorzieningen in de havens waar de chartervaart gebruik van maakt. Daarna hebben we met de havens waar de walstroomvoorzieningen onvoldoende is contact gezocht. De resultaten zijn niet bemoedigend, door de netcongestie is uitbreiding of verzwaring van het net vaak niet mogelijk.

Oproep
Voor de juiste informatie zijn we in hoge mate afhankelijk van input van schippers. Laat het ons weten als er op het gebied van walstroomvoorzieningen problemen zijn. Dat kan via onderstaande ‘Member discussion’, of door een mail te sturen naar een van de beheerders van dit platform (zie Hoe werkt dit platform).

Het Walstroomcollectief
Voor de inventarisatie van de walstroomvoorzieningen in de havens wordt ook samengewerkt met ‘Het Walstroomcollectief’. Sinds 2020 bundelen havens, provincies, vaarwegbeheerders en gemeenten hun krachten om walstroom en daarmee duurzame logistiek over water te bevorderen. Zij doen dit onder de noemer ‘Het Walstroomcollectief’ en hebben als ultiem doel om binnen afzienbare tijd de juiste walstroomfaciliteiten op de juiste plaats te ontwikkelen.

De deelnemers hebben scherp voor ogen dat havenontwikkeling op een duurzame manier gedaan moet worden. Ook zien zij dat collectief ontwikkelen – écht in samenspraak met elkaar – substantiële voordelen heeft. Port Solutions Rotterdam (PSR) is regisseur van het collectief.

Het Walstroomcollectief ziet de urgentie van de duurzame ontwikkelingen en zet gezamenlijk de volgende stap voor de juiste walstroominfrastructuur op de juiste locatie. Bij opdrachtgevers van het Walstroomcollectief is behoefte aan richtlijnen, structuur en uitgangspunten die met elkaar worden ontwikkeld, zodat uniformiteit en standaardisatie ontstaat.

Bron van deze informatie is de website van PSR, kijk voor meer informatie op PSR | Walstroom (portsolutionsrotterdam.nl).

Walstroomvoorzieningen in havens

Wegwerpplastic

Aan boord van de schepen van Boat Bike Tours wordt al veel gedaan om het gebruik van wegwerpplastic voor het hotelgedeelte te verminderen. Een aantal voorbeelden:

  • Mini zeepjes in badkamers vervangen door zeepdispensers
  • Plastic drinkbekers bij wastafel vervangen door afwasbare bekers
  • Lunchzakjes vervangen door broodtrommels
  • Beleg in kleine schaaltjes op tafels in plaats van mini verpakkingen
  • Kiezen voor theezakjes zonder nietjes en plastic verpakking

Sommige schepen gaan nog een stap verder en vragen leveranciers om producten zoveel mogelijk verpakkingsvrij of in bulk aan boord te leveren. Denk aan groenten en fruit waar mogelijk zonder verpakking leveren, drinkwater in jerrycans of keukengrondstoffen in grotere verpakkingen in plaats van eenportieverpakkingen. Dit vraagt om goede afspraken met leveranciers, maar kan het plastic afval aan boord hiermee aanzienlijk terugdringen.

Wetgeving: wat geldt er voor hotelschepen?

Hotelschepen vallen als horecalocatie ook onder de Europese en Nederlandse regelgeving rondom wegwerpplastic. Het is goed om te weten welke regels van toepassing zijn:

SUP-richtlijn (Single Use Plastics) Sinds 3 juli 2021 is de Europese SUP-richtlijn van kracht, die wegwerpplastic aanpakt. Onder het verbod vallen onder meer wegwerpbestek van plastic, wegwerpborden, plastic rietjes, plastic wattenstaafjes en bewaarbakjes van piepschuim. De regelgeving wordt sindsdien stapsgewijs aangescherpt: NoordzeeFacility Trade Group

  • Vanaf juli 2023 zijn plastic wegwerpbekers en -verpakkingen voor onderweg, afhalen en bezorgen niet meer gratis. Milieu Centraal
  • Vanaf januari 2024 zijn plastic-bevattende wegwerpbekers en maaltijdverpakkingen voor consumptie op locatie — zoals in horecagelegenheden — verboden, tenzij aan hoogwaardige recycling kan worden voldaan. Facility Trade Group
  • In de horeca bij consumptie ter plaatse blijft het verbod op wegwerpbekers en -bakjes die plastic bevatten van kracht. Vanaf 2026 moet minimaal 85% van verpakkingen apart worden ingezameld en aangeboden voor recycling als een ondernemer gebruik wil maken van de beschikbare uitzondering. KHN
  • Vanaf 1 januari 2030 geldt op basis van de Europese Verpakkingsverordening (PPWR) een verbod op eenmalige plastic verpakkingen bij consumptie ter plaatse in de horeca. KHN

Scheepsafvalstoffen en lozing Op grond van de Waterwet is het in Nederland verboden afvalstoffen in het oppervlaktewater te lozen, tenzij daarvoor een vergunning is verleend. Het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn en binnenvaart regelt voor de binnenvaart hoe scheepsafvalstoffen moeten worden afgegeven. In Europese havens zijn schepen verplicht om hun afval af te geven. Dit betekent concreet dat plastic afval aan boord zorgvuldig gescheiden en bewaard moet worden totdat het op een afgifte-locatie kan worden aangeboden. SVARijksoverheid

Kortom: de richting van de wetgeving is duidelijk — hergebruik wordt de norm, en wegwerpplastic wordt steeds verder aan banden gelegd. Voor hotelschepen die nu al stappen zetten om plastic te reduceren, is dat een goede basis om ook in de toekomst aan de regelgeving te voldoen.


Heb jij meer ideeën om plastic verbruik te verminderen? Of heb je goede ervaringen met bijv. broodtrommels in plaats van lunchzakken, verpakkingsvrije leveringen, of weet je de ultieme oplossing voor een afvalvrij ontbijtbuffet? Deel ze met ons, zodat we van elkaar kunnen leren.

Energie gebruik aan boord meten

Toekomst
Opdrachtgevers en overheden zullen steeds meer naar emissieprestaties gaan vragen. Rapportage wordt steeds belangrijker. Veel kleinere bedrijven zullen in de nabije toekomst verplicht moeten gaan rapporteren hoeveel CO2 met een reis gemoeid is.
Ook Green Award en het Emissielabel vereisen een nauwkeurige rapportage van verbruikte brandstof en afvalafgifte.

Boat Bike Tours streeft ernaar om in de nabije toekomst de CO2 prestatie per schip en per reis te kunnen monitoren. Dat begint bij een objectief meetsysteem van verbruikte brandstof per motor/gebruiker en het meten van afgenomen walstroom. Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden een dergelijk meetsysteem te installeren op de bij Boat Bike Tours aangesloten schepen. Meer nieuws volgt zo spoedig mogelijk.

Salesforce
Vervolgens wil Boat Bike Tours de gegevens importeren in de net-zero-cloud van Salesforce. Op die manier kan de CO2 prestatie per schip en per reis in beeld worden gebracht.

Klik hier voor een impressie van de net-zero-cloud van Salesforce.

Drie koplopers hebben hun schip al geëlektrificeerd. Jorrit Jouwsma bouwde al in 2019 een elektromotor in zijn motorschip De Vooruitgang. Joost Martijn en Wiebe Radstake deden in 2023 hetzelfde in hun resp. zeilschepen De Overwinning en De Vrijbuiter.

In gesprekken met de BBZ, vertellen Jorrit, Joost en Wiebe over hun ervaringen bij de elektrificatie van hun schepen. Via onderstaande links kun je onder andere lezen met wie ze hebben samengewerkt, tegen welke problemen zij aanliepen en wat de actieradius van hun schepen is.

Lees hier de verhalen JorritJoost en Wiebe.

Accu-elektrische voortstuwing

De zonnepanelen aan boord van De Vrijbuiter

 

Certificering
Travelife is een internationaal toonaangevend management- en certificeringprogramma voor reisorganisaties die duurzaam willen ondernemen. Om een Travelife certificaat te behalen moet een reisorganisatie een consistent duurzaamheidsbeleid formuleren en uitvoeren. In juli 2023 heeft Boat Bike Tours de status Partner behaald.
Boat Bike Tours kwam hiertoe door Sustour, een initiatief vanuit de EU dat de reisbranche wil verduurzamen. Vanuit Sustour werd er een coach aan Boat Bike Tours aangeboden die er was om vragen te beantwoorden.

Om het duurzaamheidsbeleid bedrijfsbreed te creëren, organiseerde de duurzaamheidscoördinator van Boat Bike Tours maandelijks bijeenkomsten met een groep medewerkers (van iedere afdeling een persoon) om onderwerpen te bespreken en van alle kanten te bekijken wat de voor- en nadelen zijn van bepaalde keuzes, onder andere over papiergebruik, vervoer en inkoop. Zo werd iedereen betrokken bij de duurzame bedrijfsvoering. Daarnaast moest ook een actieplan worden gemaakt.
Vervolgens kon de duurzaamheidscoördinator rapporteren over de ruim 130 criteria waar Travelife om vroeg. Onderaan deze pagina een overzicht van de criteria.

Boat Bike Tours gaat nu door om de status ‘Certified’ te verkrijgen, hiervoor gelden meer eisen dan voor de Partner status. Een van de eisen is dat meer medewerkers van Boat Bike Tours een online basistraining volgen; 16 medewerkers hebben inmiddels de basistraining gevolgd.

Criteria

  • Energie efficiëntie en energie besparing
  • Watermanagement en afvalmanagement
  • Klimaat en uitstoot broeikasgassen
  • Arbeidsomstandigheden
  • Mensenrechten
  • Biodiversiteit
  • Culturele impact
  • Gezondheid en veiligheid
  • ‘Fair Business’-praktijken
  • Consumentenbescherming

Algemene bedrijfsvoering

  • Duurzaamheidsmanagement
  • Wettelijke verplichtingen
  • Eerlijke handelspraktijken

Kantoor- en retailactiviteiten

  • Arbeidsomstandigheden en mensenrechten
  • Integratie in de gemeenschap

Milieu

  • Inkoop
  • Water
  • Energie
  • Afval
  • Training en bewustmaking

Ketenmanagement

  • Transport
  • Accommodaties
  • Excursies en activiteiten
  • Lokale partners en vertegenwoordigers
  • Gidsen en reisleiding
  • Bestemmingen

Klanten

  • Bewustmaking en motivering
  • Klantenrechten
Meting footprint

Waarom een strategie?

Duurzaamheid aanpakken zonder plan leidt al snel tot losse, vrijblijvende maatregelen. Een zeepdispenser hier, een energiebesparende lamp daar. Nuttig, maar niet genoeg. Wie écht impact wil maken, heeft een strategie nodig: een heldere visie op waar je naartoe wilt en een aanpak om daar stap voor stap te komen.

Voor schippers, rederijen en bemanningsleden in de passagiersvaart is dat niet anders. De druk om te verduurzamen neemt toe — van regelgeving en opdrachtgevers tot reizigers die bewuster kiezen. Wie nu een richting bepaalt, staat straks sterker. Bovendien is inmiddels bekend dat bedrijven met een goede strategie op duurzaamheid niet alleen toekomstbestendiger zijn maar het ook financieel beter doen. Zij hebben beter zicht op de mogelijkheden tot kostenreductie en ze investeren efficiënter.

Wat hoort er in een duurzaamheidsstrategie?

Een goede strategie gaat verder dan milieu alleen. Denk ook aan je positie in de samenleving, je relaties met leveranciers en partners, en de manier waarop je met je team omgaat. Duurzaamheid in de brede zin omvat minstens deze drie lagen:

Ecologisch — Hoe groot is je voetafdruk op het gebied van brandstof, energie, water, afval en plastic? Wat zijn je doelen en hoe meet je de voortgang?

Sociaal — Hoe zorg je voor een goed werkklimaat aan boord? Hoe ga je om met lokale gemeenschappen in de plaatsen die je aandoet?

Positionering — Hoe wil je als bedrijf of schip bekend staan? Toerisme legt steeds meer druk op populaire bestemmingen. Kun je daarin een bewuste keuze maken, bijvoorbeeld door gasten mee te nemen naar minder bekende plekken?


Van meten naar verminderen

Een veelgehoord startpunt is de strategie meten – verminderen – compenseren: eerst inzicht krijgen in je verbruik, dan waar mogelijk reduceren, en de rest compenseren via bijvoorbeeld CO₂-credits. Dat is een nuttige eerste stap, maar de lat mag hoger.

Boat Bike Tours heeft haar strategie in 2023 bijgesteld naar verminderen – verminderen – verminderen. Compenseren is niet langer het sluitstuk; de inzet is om de ecologische voetafdruk daadwerkelijk drastisch te verkleinen. Dat vraagt om keuzes in brandstofgebruik, inkoop, verpakkingen, energieopwekking en meer. Het volledige strategische plan van Boat Bike Tours is hier te lezen en kan als inspiratie dienen bij het opstellen van je eigen plan. Op dit moment wordt er gewerkt aan een nieuw strategisch plan voor de periode 2026 – 2030.


Een levend document

Een strategie is geen eenmalig document dat in een la verdwijnt. De techniek ontwikkelt zich snel, regelgeving verandert en inzichten groeien. Het loont om je plan jaarlijks te herzien: wat hebben we bereikt, wat hebben we bijgeleerd, en wat moet er bij?

Tip: wanneer je niet weet waar je moet beginnen, dan kan het nuttig zijn om te kijken wat certificerende instanties zoals Green Award of Green Key belangrijk vinden. Dit geeft vaak een goede leidraad voor verduurzaming.

Heb jij al een duurzaamheidsstrategie voor je schip of bedrijf? Of ben je er mee bezig? Deel je ervaringen, zodat we in de sector van elkaar kunnen leren.

 

Duurzaamheid is geen marketingthema meer dat je erbij kunt pakken als het uitkomt. Reizigers, opdrachtgevers en toezichthouders kijken steeds kritischer mee. Tegelijk is er een groeiende groep schippers en rederijen die wél serieus aan de slag is, maar niet goed weet hoe ze dat naar buiten moeten brengen. Het gevolg: of te veel beloven (greenwashing), of helemaal niets zeggen (greenhushing). Beide zijn een gemiste kans — en het eerste is inmiddels ook juridisch riskant.


Greenwashing: wat is het en waarom is het een probleem?

Greenwashing is het onterecht claimen van duurzaamheidsprestaties: je doet je groener voor dan je in werkelijkheid bent. Dat hoeft niet altijd met opzet te gebeuren. In de zoektocht naar impactvolle communicatie sluipen er fouten in: claims zijn te vaag, ambities worden overdreven geformuleerd of kleine stapjes krijgen een te groot podium.

Bekende voorbeelden: een schip dat zichzelf “klimaatneutraal” noemt zonder dat dit onderbouwd is, of een rederij die één maatregel uitlicht terwijl de rest van de bedrijfsvoering onveranderd blijft. Consumenten prikken hier steeds vaker doorheen, en de regelgeving volgt.


Wat zegt de wet?

De Europese regelgeving rond duurzaamheidsclaims is de afgelopen jaren flink aangescherpt en wordt verder uitgebreid.

Op 17 januari 2024 heeft het Europees Parlement een richtlijn aangenomen tegen greenwashing en misleidende productinformatie. De richtlijn verbiedt het gebruik van ongefundeerde algemene milieuclaims zoals “milieuvriendelijk”, “natuurlijk”, “biologisch afbreekbaar”, “klimaatneutraal” en “eco”. Alleen duurzaamheidskeurmerken gebaseerd op goedgekeurde certificeringsregelingen of ingesteld door overheidsinstanties zijn nog toegestaan. Ook beweringen dat een product of dienst klimaatneutraal is dankzij compensatieregelingen zijn verboden.

Vanaf 27 september 2026 zijn bedrijven verplicht hun milieuclaims grondig te onderbouwen. In Nederland is de Autoriteit Consument & Markt (ACM) de toezichthouder. De ACM richtte zich aanvankelijk op misleidende claims over specifieke producten, maar richt zich nu steeds vaker ook op generieke duurzaamheidsambities van bedrijven. (zie ook  MaakadvocatenThuiswinkel.org)

Wat betekent dit concreet voor de passagiersvaart? Zeg niet “wij varen duurzaam” als je dat niet kunt aantonen. Zeg wél: “wij hebben brandstofmeters geplaatst op alle tanks, zodat we inzicht krijgen in dieselverbruik, waardoor het brandstofverbruik wel tot 10% verminderd is.” Concreet, meetbaar, verifieerbaar.


Greenhushing: de andere valkuil

Uit angst voor kritiek kiezen steeds meer bedrijven voor de omgekeerde strategie: helemaal niets meer zeggen over duurzaamheid. Dit vermijden van afbreukrisico’s heet greenhushing.

Begrijpelijk, maar onverstandig. Uit psychologisch onderzoek blijkt dat goed communiceren over duurzaamheid een positief effect heeft op de aandacht hiervoor bij consumenten en andere bedrijven. Bedrijven die transparant zijn over hun duurzame initiatieven kunnen bovendien invloed uitoefenen op hun hele keten en een positieve invloed hebben op de sociale norm. (zie ook LogeionKijk op het Noorden)

Stilte is geen oplossing. Wees eerlijk over waar je staat, wees bescheiden en communiceer je duurzaamheidsreis met nuance. Claim geen perfectie, maar laat zien dat je werkt aan verbetering.


Wat vertel je wél — en hoe?

De sleutel zit in specificiteit en eerlijkheid. Een aantal praktische richtlijnen:

Wees concreet, niet vaag. “We werken aan een duurzamere toekomst” zegt niets. “We hebben in 2024 zonnepanelen geplaatst waarmee we X% van ons dagverbruik opwekken” zegt alles.

Laat zien dat je onderweg bent, niet dat je al klaar bent. Niemand verwacht perfectie. Een rederij die openlijk vertelt wat er al lukt en wat nog niet, wekt meer vertrouwen dan een die alleen de successen uitlicht.

Onderbouw claims met data. Meet je brandstofverbruik, leg cijfers vast, verwijs naar certificeringen. Boat Bike Tours publiceert hiervoor jaarlijks een duurzaamheidsrapport en gebruikt NetZeroCloud voor de CO₂-meting — zo zijn claims altijd traceerbaar.

Gebruik erkende keurmerken. Een certificering zoals Travelife geeft externe validatie aan je inspanningen en biedt houvast bij communicatie. Meer over Travelife vind je elders op dit platform.

Wees ook eerlijk over wat je nog niet weet of kunt. “We willen overstappen op emissieloze voortstuwing, maar de technologie voor onze scheepsklasse is er nog niet” is een eerlijk en geloofwaardig verhaal.


Do’s en don’ts op een rij

Wel doen: specifieke, meetbare claims gebruiken — resultaten koppelen aan concrete maatregelen — erkende certificeringen benoemen — ambities formuleren met een tijdlijn en tussenresultaten — ook de uitdagingen benoemen.

Niet doen: vage termen als “groen”, “duurzaam” of “klimaatneutraal” gebruiken zonder onderbouwing — één maatregel opblazen tot een totaalverhaal — compensatie als reden gebruiken om je “klimaatneutraal” te noemen — niets communiceren uit angst voor kritiek.


Waar publiceer je het?

Een vaste plek op je website waar alle duurzaamheidsinspanningen bij elkaar staan, is de basis. Zo kunnen gasten, opdrachtgevers en partners altijd terecht voor feitelijke informatie. Aanvullend werken sociale media goed voor het delen van concrete stappen en resultaten — niet als campagne, maar als regelmatige updates over wat er daadwerkelijk gebeurt aan boord.

Heb jij ervaring met het communiceren over duurzaamheid — wat werkt, wat werkt niet? Deel het hieronder.


Alles draait om balans

De manier waarop we nu met onze aarde omgaan, maakt dat we in Nederland meer dan drie keer de aarde nodig hebben om aan onze behoeften te voldoen. Voedsel speelt daarin een centrale rol. Voedselsystemen zijn verantwoordelijk voor circa 30 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen en leveren de grootste bijdrage aan de overschrijding van vijf planetaire grenzen. Tegelijk is er een schrijnende ongelijkheid: terwijl een deel van de wereld kampt met overgewicht en overconsumptie, heeft een miljard mensen onvoldoende te eten.

Het EAT-Lancet rapport

In 2019 verscheen het baanbrekende EAT-Lancet rapport, opgesteld door 37 internationale, onafhankelijke wetenschappers. Voor het eerst werden wetenschappelijke doelen gesteld voor zowel gezonde voeding als de ecologische grenzen van de mondiale voedselproductie. Het rapport liet zien dat het mogelijk is om 10 miljard mensen gezond en duurzaam te voeden binnen de grenzen van de aarde — maar dan moeten we wél anders gaan eten. Minder dierlijk, meer plantaardig, en fors minder voedselverspilling.


Update 2025: EAT-Lancet 2.0

Op 3 oktober 2025 lanceerden EAT en The Lancet de nieuwe EAT-Lancet Commissie, een grote wetenschappelijke update op het invloedrijke rapport uit 2019. De nieuwe commissie bracht meer dan 70 experts uit zes continenten samen en actualiseert het Planetary Health Diet, beoordeelt de impact van voedsel op alle planetaire grenzen — waaronder uitstoot, landgebruik en zoetwaterverbruik — en introduceert acht oplossingsgebieden voor de transformatie van voedselsystemen. EATEAT

De conclusies zijn urgenter dan ooit. Minder dan 1% van de wereldbevolking eet momenteel in lijn met het Planetary Health Diet. De rijkste 30% van mensen is verantwoordelijk voor meer dan 70% van de voedselgerelateerde milieu-impact.

Het rapport stelt dat een aangepast voedselpatroon jaarlijks tot 15 miljoen sterfgevallen kan voorkomen en de uitstoot van broeikasgassen door de voedselproductie kan halveren.


Wat staat er op het bord?

Het bijgewerkte Planetary Health Diet is geen veganistisch menu. Onderzoeker Line Gordon spreekt van een flexitarisch dieet: rijk aan plantaardige voeding, maar met beperkte hoeveelheden dierlijke producten. Concreet ziet het er zo uit:

Dagelijks 300 gram groente en 200 gram fruit, wekelijks 525 gram peulvruchten, 210 gram vis, 210 gram wit vlees, 105 gram rood vlees en 2 eieren. Rood vlees blijft beperkt tot circa 15 gram per dag — vrijwel gelijk aan de 2019-aanbeveling van 14 gram.

Een gemiddelde eter die zich wil houden aan het advies voor rood vlees zal flink moeten inleveren: momenteel eten we bijna vijf keer zoveel per dag. Hart van Nederland

Ten opzichte van 2019 is er één opvallende toevoeging: het wereldwijde bord bevat nu ook een aanbeveling voor natrium — minder dan 2 gram per dag — wat overeenkomt met de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie.


Wat betekent dit voor eten aan boord?

Voor keukens op passagiersschepen biedt het Planetary Health Diet een bruikbaar kompas. Het vraagt niet om een radicale ommezwaai, maar om bewuste keuzes: meer peulvruchten, groenten en volkoren granen op het menu, en rood vlees als uitzondering in plaats van vanzelfsprekendheid. Meer over hoe dat er in de praktijk uitziet, vind je op de pagina Eten aan boord.


Grootste uitdaging

De wetenschap is helder. De uitdaging is niet het samenstellen van het menu, maar het realiseren van de transitie op wereldschaal. Zes jaar na het eerste rapport eet minder dan één procent van de mensen in lijn met het Planetary Health Diet. Voor de hotelvaart geldt: elke maaltijd is een kleine keuze in een groot verhaal. En die kleine keuzes tellen op.

HVO

Wat is HVO?
HVO (Hydrotreated Vegetable Oil) is een synthetisch alternatief voor diesel dat wordt verkregen door plantaardige oliën en vetten te behandelen met waterstof. Door de behandeling van deze plantaardige oliën ontstaat een brandstof die in vergelijking met fossiele diesel schoner verbrandt en duurzamer is. De brandstof is volledig weersbestendig en vlokt minder tot helemaal niet bij kou; dat laatste kan overigens verschillen per aanbieder.
HVO’s zijn in allerlei mengvormen verkrijgbaar bij de pomp; zo bestaat HVO20 uit 20% HVO en 80% fossiele diesel. Het is bekend onder verschillende namen zoals o.a. Neste MY Renewable Diesel, MD1-100, CO2Saving Diesel of simpelweg HVO100. De brandstof is ook verkrijgbaar in een lager accijnstarief (vergelijkbaar met rode diesel).

Uitstoot en afbraak
Door het gebruik van HVO wordt de uitstoot van CO2 ten opzichte van diesel verlaagd met 30 tot 90% afhankelijk van het percentage HVO dat in de brandstof zit. HVO100 heeft een zeer lage uitstoot van lokale emissies zoals fijnstof, stikstofoxiden en zwaveloxiden. Het is volledig biologisch afbreekbaar en geurloos.

Veilig te gebruiken?
In Europa worden motoren en voertuigen getest voor brandstoffen met de EN590 normering. Wanneer een diesel de EN590 normering krijgt, betekent het dat deze brandstof van voldoende kwaliteit is om gebruikt te worden in dieselmotoren. Vrijwel alle motoren en voertuigfabrikanten conformeren zich aan deze normering. Mengvormen tussen fossiele diesel en HVO kunnen nog voldoen aan de EN590 norm, maar HVO’s in pure vorm voldoen niet. Dit komt omdat HVO een andere chemische samenstelling heeft. Voor synthetische diesel is er een nieuwe norm: de EN15940. Voor nieuwere motoren wordt garantie afgegeven voor het gebruik van HVO die aan deze norm voldoet.
Volgens de ontwikkelaars van HVO kan de brandstof in elke dieselmotor gebruikt worden. Alle mengvormen onder de 70% hebben niet geleid tot problemen. Is het percentage HVO hoger, dan zijn er pakkingen en rubbers van hennep of nitril-rubber (ook NBR polymeer genoemd), die bij langdurig gebruik kunnen gaan krimpen (met name in oudere motoren). Dit zijn pakkingen in het brandstofsysteem die direct in aanraking komen met de brandstof, in de brandstofpomp, de brandstoffilter of brandstofleidingen. Een voorbeeld hiervan zijn de O-ringen bij de brandstofinjectoren. Deze kwetsbare pakkingen zijn te vervangen door HVO-bestendige pakkingen.

Aangeraden wordt om bij de motorfabrikant te informeren of deze pakkingen leverbaar zijn. HVO vraagt om ‘Good housekeeping’ van de brandstoftanks en het brandstoftoevoersysteem. Dit houdt vooral in het regelmatig inspecteren en reinigen van de tanks en het op tijd vervangen van brandstoffilters. Een omschakelbare wisselfilter wordt hiervoor aangeraden.
Omdat HVO minder water bevat is de kans op bacteriegroei vrijwel verdwenen. Bacteriegroei ontstaat vaak door een biobrandstof (FAME) die aan fossiele diesel is toegevoegd. Biodiesel trekt vocht aan waarin bacteriegroei kan ontstaan. Aangezien HVO FAME-vrij is, scheidt het water juist goed af. Hoe hoger het percentage HVO in de brandstof, hoe minder kans op bacteriegroei.

Wat kost het?
De HVO prijs is afhankelijk van grondstofprijzen en ligt op het moment van schrijven van dit artikel (mei 2026) gemiddeld 100% per liter hoger dan diesel.

Waar verkrijgbaar?
Vanwege de hoge prijs is HVO op dit moment (2026) ook slecht te krijgen, omdat er onvoldoende vraag is. Het is nog steeds verkrijgbaar bij de Groot Stavoren. Soms is bestellen vooraf en een minimale afname noodzakelijk. Atalante in Hoorn verkoopt HVO100 (MY Renewable Diesel) in kleinere hoeveelheden.

CO2 compensatie

Eerst reduceren, dan compenseren

CO₂-compensatie is geen vrijbrief om door te gaan zoals je altijd deed. Het is een aanvulling op reductie, niet een vervanging ervan. De logische volgorde is: breng je uitstoot in kaart, verminder waar mogelijk, en compenseer wat je (nog) niet kunt vermijden.

Dat klinkt eenvoudig, maar vraagt in de praktijk om een bewuste aanpak. Dus kijk eerst serieus naar zaken als brandstofkeuze, vaargedrag, walstroom en energiebesparing — voordat compensatie in beeld komt.


Wat is CO₂-compensatie precies?

Bij compensatie financier je projecten elders die CO₂ vastleggen of uitstoot voorkomen — denk aan bosbouw, landherstellingsprojecten of het bevorderen van recycling. De uitstoot van je schip daalt er niet van, maar per saldo draag je bij aan een lager CO₂-gehalte in de atmosfeer.

Belangrijk daarbij is de kwaliteit van de compensatieprojecten. Niet elk certificaat is even betrouwbaar. Let op onafhankelijke certificering, meetbare en verifieerbare resultaten, en transparante verslaglegging. Projecten die daarnaast bijdragen aan biodiversiteit, leefomstandigheden of de circulaire economie hebben extra waarde.


Welke typen compensatieprojecten zijn er?

Er zijn grofweg drie categorieën:

Bosaanplant en landherstel — het meest bekende type. Bomen leggen CO₂ vast terwijl ze groeien. Projecten variëren van grootschalige herbebossing tot kleinschalige agroforestry waarbij boeren worden geholpen inheemse bomen te combineren met voedselgewassen. Een voorbeeld is het Bolivia-project van Trees for All, waar Boat Bike Tours via een meerjarenafspraak 5.000 ton CO₂ compenseert.

Ecosysteemherstel — het herstellen van gedegradeerd land, bijvoorbeeld door wateropvang of het terugbrengen van gekapte boomstronken tot volwaardige bomen. Justdiggit doet dit op grote schaal in Afrika: namens Boat Bike Tours werden in de periode 2023-2025 in Tanzania ruim 26.000 boomstronken geregenereerd, wat over twintig jaar naar verwachting 5.000 ton CO₂ vastlegt. Vanaf 2021 tot 2023 heeft Boat Bike Tours via Justdiggit bijdragen aan de herstellen van 6.800 hectare gedegradeerd land en de opvang van tientallen miljoenen liters regenwater.

Circulaire economie en recycling — een minder voor de hand liggend, maar waardevol type. Door plastic te recyclen in plaats van te verbranden of storten, voorkom je CO₂-uitstoot. Orca voert zo’n project uit in Biddinghuizen, onafhankelijk gecertificeerd en geverifieerd door DNV op basis van TNO-analyses. Boat Bike Tours heeft ook hier een meerjarenafspraak voor 5.000 ton CO₂ per jaar.


Hoe breng je je uitstoot in kaart?

Compenseren begint met meten. Zonder inzicht in je werkelijke uitstoot kun je niet gericht compenseren — en loop je het risico te weinig of te veel te compenseren.

Een handige indeling is de zogeheten scope-methode:

  • Scope 1 — directe uitstoot, zoals brandstofverbruik van de motoren
  • Scope 2 — indirecte uitstoot via ingekochte elektriciteit
  • Scope 3 — ketenuitstoot, zoals voedsel voor gasten, transport van medewerkers en toeleveranciers

Voor schepen zijn scope 1 (brandstof) en scope 3 (voeding) doorgaans de grootste posten. Boat Bike Tours gebruikt sinds 2024 het platform NetZeroCloud om uitstoot per categorie bij te houden. Een deel van de vloot is uitgerust met brandstof- en kWh-meters die data automatisch doorsturen; op andere schepen gebeurt dit nog handmatig. Het streven is om steeds meer schepen te automatiseren voor betrouwbaardere data. Meer details staan in het duurzaamheidsrapport 2024.


Aan de slag: praktische stappen

Wil je als schip of rederij ook aan de slag met compensatie? Een mogelijke aanpak:

Begin met het in kaart brengen van je brandstofverbruik over een heel vaarseizoen — dat geeft al een goede indicatie van je scope 1-uitstoot. Kies vervolgens een gecertificeerde compensatieorganisatie met transparante projecten en onafhankelijke verificatie. Spreek een vast jaarlijks volume af in tonnen CO₂, zodat je weet waar je aan toe bent.

En vergeet niet: compensatie is het sluitstuk van een bredere aanpak. Het meeste effect haal je uit reductie — efficiënter varen, schonere brandstof, walstroom gebruiken waar het kan, en vaarroutes kritisch bekijken.

Heb jij ervaring met CO₂-compensatie aan boord of binnen je rederij? Deel het hieronder, zodat we samen verder komen.

 

 

 

Greenway