Bestuur Stichting Greenway

Stichting Greenway

Boot Bike Tours
Boot Bike Tours is een toonaangevende aanbieder van fiets-vaarvakanties langs de rivieren en kusten van Europa, en biedt unieke reiservaringen waarbij fietsen gecombineerd wordt met een comfortabel verblijf op een schip. Boat Bike Tours is opgericht in 1995 en bedient voornamelijk gasten uit Duitsland en de Verenigde Staten. Het bedrijf heeft ongeveer 80 medewerkers verspreid over 4 locaties. Duurzaamheid, innovatie en klanttevredenheid staan centraal in de waarden van het bedrijf. In 2024 werd de Stichting Greenway opgericht om duurzaamheid te stimuleren en de ecologische voetafdruk te verkleinen. De stichting ondersteunt duurzame initiatieven zoals het gebruik van schonere brandstof, het installeren van slimme brandstofmeters en onderzoek naar Boord Zuiverings Installaties.

Varen op HVO100
Na een proef op 6 schepen in 2024, gebruikte in 2025 bij de gehele Nederlandse vloot HVO100 als brandstof. HVO100, ofwel Hydrotreated Vegetable Oil, is een synthetische, hernieuwbare diesel gemaakt van 100% hernieuwbare grondstoffen, zoals gebruikte plantaardige oliën en dierlijke vetten. De totale CO2-uitstoot per schip wordt zo met zo’n 70% verminderd. De hogere prijzen voor HVO-brandstof worden gefinancierd door de Stichting Greenway.

Energy Monitoring Project
In 2025 heeft de Stichting het Energy Monitoring project gestart. Dit project combineert de installatie van slimme meters en dashboards op BBT schepen om het brandstof- en elektriciteitsverbruik realtime te bewaken met de ontwikkeling van een digitale tool binnen de Net Zero Cloud om de verzamelde gegevens te beheren en te analyseren. Deze gegevens omvatten het brandstofverbruik, het gebruik van walstroom en de menukeuzes aan boord.

Zuiveren van afvalwater
De Stichting Greenway ondersteunt de ontwikkeling van een passende en betaalbare Boord Zuiverings Installatie.

Boat Bike Tours reserveert jaarlijks een bedrag voor de Stichting Greenway. Het bestuur bestaat uit scheepseigenaren, medewerkers van Boat Bike Tours en een medewerker van de BBZ. Het bestuurt bepaalt welke initiatieven gefinancierd worden.

Voor vragen en meer informatie over deze stichting kunt u contact opnemen met voorzitter Jossie Verkerk, jossie@boatbiketours.com

 

Mogelijk laatste jaar belastingvoordeel voor het plaatsen van een vuilwatertank

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is dit jaar weer gekomen met een Brochure en Milieulijst. Op deze lijst staan alle bedrijfsmiddelen die in 2026 in aanmerking komen voor de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en/of de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Deze maatregelen kunnen een belastingvoordeel opleveren tot ruim 14% van de investering bovenop de reguliere investeringsregelingen.

Vanaf pagina 73 komt de scheepvaart aan de beurt. Het aanbod aan bedrijfsmiddelen is erg breed; een paar voorbeelden zijn een duurzame aandrijving voor zeeschepen, een antifoulingsysteem, walstroomaansluitingen voor zowel aan boord als aan de kade en een vuilwatertank. En die laatste verdient wellicht het meeste aandacht. Het is namelijk zo dat investeringen in wettelijk verplichte bedrijfsmiddelen niet in aanmerking komen voor de MIA en Vamil. Door inspanningen van de BBZ  staat dit nog steeds vermeld op deze lijst, maar de vraag is voor hoelang nog. Heb je nog geen vuilwatertank(s) en wil je er zeker van zijn dat je dit belastingvoordeel kan benutten, investeer dan dit jaar nog in de inbouw van een vuilwatertank.
Overigens geldt de aftrek niet alleen voor de materialen, maar op de complete inbouw.

In de brochure staat ook het stappenplan beschreven hoe je de aanvraag moet indienen. Let daarbij op dat je aanvraag binnen 3 maanden nadat je de aankoopverplichting bent aangegaan binnen moet zijn bij de RVO.
Voor vragen over de MIA en/of Vamil neem contact op met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland:
Telefoon 088 042 42 42
Contact https://www.rvo.nl/onderwerpen/contact

Lozingsverbod
Met ingang van 2025 geldt een lozingsverbod voor passagiersschepen met meer dan 12 personen. Wat betekent het lozingsverbod voor de passagiersvaart?

In Europa bestaat regelgeving voor de verzameling, afgifte en inname van huishoudelijk afvalwater van passagiersschepen. Huishoudelijk afvalwater betreft afvalwater uit keukens, eetruimten, wasruimten en bijkeukens, alsmede toiletwater. Het Scheepsafvalstoffenverdrag (CDNI) bevat een verbod voor passagiersschepen om dit afvalwater te lozen in het oppervlaktewater. Het verdrag is van toepassing op de hele Rijn en op alle binnenwateren in Nederland, Duitsland, België en Zwitserland en tevens op de internationale Moezel in Luxemburg en Frankrijk.

Wat betekent het lozingsverbod voor de passagiersvaart?
Sinds 2009 geldt er een lozingsverbod van huishoudelijk afvalwater voor hotelschepen met meer dan 50 slaapplaatsen en voor passagiersschepen ingericht voor meer dan 50 passagiers. Sinds 1 januari 2025 is dit lozingsverbod uitgebreid naar hotelschepen met meer dan 12 slaapplaatsen en naar passagiersschepen ingericht voor meer dan 12 passagiers. Voorbeelden hiervan zijn riviercruise- en hotelschepen, dagtochtschepen, charterschepen en rondvaartboten.

Overgangsperiode
Sinds 1 december 2014 is het voor nieuwbouw passagiersschepen verplicht om uitgerust te zijn met (een) vuilwatertank(s). Schepen die na deze datum in de vaart (d.w.z. in bedrijf) zijn genomen, mogen vanaf 1 januari 2025 niet meer lozen op het oppervlaktewater. Schepen die voor deze datum al als passagiersschip voeren, komen in aanmerking voor een tijdelijke overgangsbepaling van 5 jaar.
De overgangsbepalingen eindigen voor alle passagiersschepen vanaf 2030 in de gebieden waar het CDNI-verdrag geldt. Dit houdt in dat passagiersschepen vanaf 2030 bij de verlenging van hun certificaat van onderzoek (CvO) voorzien moeten zijn van verzameltanks voor huishoudelijk afvalwater of van een boordzuiveringsinstallatie (artikel 19.14 van de Europese standaard tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen ES-TRIN).

In het afvalstoffenverdrag staat in deel C (over verzameling, afgifte en inname van overig scheepsbedrijfafval) in artikel 8.02 lid 3:

  • De Verdragsluitende Staten verplichten zich overeenkomstig de voorschriften van artikel 4, eerste lid, van dit Verdrag ontvangstinrichtingen voor huishoudelijk afvalwater in te richten of te laten inrichten bij bepaalde als vaste of voor overnachting dienende ligplaatsen.
  • Bij ligplaatsen voor schepen als bedoeld in artikel 9.01, derde lid (dit zijn passagiersschepen met 13 t/m 49 passagiers), moeten vóór het in artikel 9.01, derde lid, genoemde tijdstip (dit is 1-1-2025) ontvangstinrichtingen worden ingericht.

In artikel 4, eerste lid staat: De Verdragsluitende Staten verplichten zich ertoe langs de in Bijlage 1 genoemde vaarwegen (= Alle voor de binnenvaart openstaande wateren) een voldoende dicht net van ontvangstinrichtingen in te richten of te laten inrichten en dit internationaal af te stemmen.)

 

Lozingsverbod
In 2025 is het lozingsverbod op oppervlaktewater voor passagiersschepen met 13 t/m 49 personen ingevoerd. Meer informatie over de specifieke wetgeving is elders op deze site te vinden. De kans dat er op korte termijn een ruime keuze aan goedgekeurde, compacte en betaalbare boordzuiveringsinstallaties zal zijn, is erg klein. Dat betekent dat schepen afhankelijk zullen zijn van een dicht netwerk aan vuilwaterafgiftepunten.

Uit een enquête van de BBZ, gehouden in augustus 2022, blijkt dat de gemiddelde vuilwatertank op een zeilschip 2188 liter groot is en op een motorschip gemiddeld 5829 liter. Het leegpompen hiervan kost op een zeilschip gemiddeld 12 minuten, op een motorschip 17 minuten. De range hierbij is overigens erg breed, variërend van een minuut tot 60 minuten.
Op de vraag welke aanpassingen er nog gedaan moeten worden om aan het lozingsverbod te voldoen, geven veel ondernemers aan de capaciteit van de vuilwatertank te willen uitbreiden om minder vaak te hoeven afpompen. Dit heeft tot gevolg dat de gemiddelde afpomptijd nog langer zal worden.

79% van de zeilschepen en 78% van de motorschepen pompt dagelijks de tank leeg. Dit betekent dat er in alle havens waar de schepen overnachten behoefte is aan vuilwaterafgiftepunten. Na inventarisatie onder leden van de BBZ en KBN is er een kaart opgesteld waarop staat aangegeven waar deze moeten komen. Afhankelijk van het aantal ligplaatsen en de gemiddelde afpomptijd zal bepaald moeten worden hoeveel punten er in elke haven moeten komen.

Vuilwater afgifte aan de wal

Aangezien bij veel gemeenten en havens de informatie over het lozingsverbod nog onbekend is, is er in augustus 2023 uit naam van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een brief naar 105 gemeenten gestuurd met meer informatie en een link naar de kaart. In de brief wordt benadrukt dat de schepen zelf de pomptechniek aan boord hebben en er dus alleen een aansluiting nodig is op het riool. Dure, onderhoud intensieve installaties aan de wal zijn niet nodig. Ook is gepleit voor een uniforme aansluiting, een Camlock50 koppeling om te voorkomen dat elke haven een eigen aansluiting gaat hanteren.
Het ministerie wil in 2026 een tweede brief hier achteraan sturen.

De eerste havens hebben inmiddels actie ondernomen, maar het tempo ligt erg laag.  De kans op een voldoende dicht netwerk van afgiftepunten in 2030 is nihil.

Boordzuiveringsinstallaties

Aangezien de kans dat er in 2030 een voldoende dicht netwerk van vuilwaterafgiftepunten zal zijn nihil is, en schepen die na december 2014 in bedrijf zijn genomen al moeten voldoen aan het lozingsverbod is de sector van kleine passagiersschepen afhankelijk van boordzuiveringsinstallaties (BZI’s). De BZI’s die toegestaan zijn moeten worden goedgekeurd door CESNI (Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart).
Het probleem is echter dat deze installaties tot nu toe (januari 2026) niet geschikt zijn voor het zuiveren van de hoeveelheden vuilwater die binnen onze branche geproduceerd worden, grofweg 2000 tot 7000 liter per etmaal. Ze zijn te ofwel te groot (enkele kubieke meters) en te prijzig of juist te klein (geschikt voor max. 1500 l/etmaal). BZI’s op zeilschepen vormen nog een extra uitdaging, fabrikanten geven aan dat de installaties falen bij heftige schommelingen of bij varen onder een hellingshoek.

Omdat de potentiële markt klein is, zijn producenten niet erg gemotiveerd om te investeren in de ontwikkeling van minder volumineuze (en goedkopere) installaties.
Helaas zijn de compactere, door de International Maritime Organization (IMO) goedgekeurde BZI’s voor zeeschepen, niet toegestaan op de binnenwateren. De eisen die aan het gezuiverde water op binnenwateren worden gesteld, zijn weer anders dan op zee.

De recreatievaart mag al vanaf 2009 niet meer lozen op het oppervlaktewater (hier gaat het alleen om zwart water). Sinds november 2025 is er een gecertificeerde zuiveringsinstallatie voor deze sector ontwikkeld door Nautic Waterloo. Dit bedrijf is aan het onderzoeken of de installatie ook grotere volumes kan verwerken. Dit blijft wel beperkt tot zwart water, dus is er nog steeds een alternatief nodig voor het grijze water. Daar wil het bedrijf ook mee aan de slag. Deze oplossing met twee installaties gaat alleen op voor schepen die grijs – en zwart water gescheiden opvangen. Nautic Waterloo streeft ernaar in de winter van 2026 een proefopstelling in te bouwen in een of twee zeilschepen.

Het kennisproject ‘Zuiver van Boord’ heeft in januari 2023 een subsidie gekregen van het Waddenfonds. Het doel van dit kennisproject is om een betaalbaar, compact en schaalbaar zuiveringssysteem te ontwikkelen en tegelijkertijd bewustwording te creëren over de impact van lozingen op de waterkwaliteit. Het doel is het zuiveringssysteem in 2026 te testen op een werkschip en een zeilschip.

Verdere spelers op de markt zijn Martin Systems, PureBlue Water en Qua-vac. Deze bedrijven werken met gecertificeerde methoden. Hoewel ze compactere modellen hebben nemen de installaties inclusief tanks nog steeds de nodige kubieke meters in. Het is wachten op de eerste ondernemer die een BZI installeert.

Boordzuiveringsinstallaties

Op deze lijst zijn de BZI’s opgenomen die zijn goedgekeurd door CESNI.

Greenway