Het kabinet belooft samen met de sector een haalbaar tijdpad op te stellen voor minder CO₂ en NOx. Wat betekent dat voor jouw investeringsplannen?
Vervang je je motor nu, of wacht je nog vijf jaar? Veel scheepseigenaren schuiven die vraag al jaren voor zich uit. Dat komt niet door onwil. Niemand kan je vertellen welke kant het opgaat. Daar moet nu verandering in komen. Half oktober nam het kabinet een motie over van JA21-Kamerlid Goudzwaard. Die vraagt om een haalbaar tijdpad voor de verduurzaming van de binnenvaart, opgesteld samen met de sector.

Wat vraagt de motie?

De motie vraagt de regering om samen met de binnenvaart een tijdpad op te stellen voor minder uitstoot van CO₂ en stikstofoxiden (NOx). Ook moet het kabinet duidelijk maken welke maatregelen daarvoor nodig zijn, welke rol Stage V-motoren spelen en op welke steun ondernemers kunnen rekenen.

Verladersorganisatie evofenedex is blij met de motie. Tijdens het Commissiedebat Maritiem pleitte zij al voor een duidelijke koers met breed draagvlak. Ze vroeg daar ook om een slagvaardige Binnenvaarttafel.

Let wel op wat er níet in staat. Er hangt nog geen datum aan het tijdpad en er komt geen nieuw geld bij. De motie is vooral een opdracht aan het ministerie om samen met de sector duidelijkheid te scheppen.

Waarom dit nu speelt

De afgelopen jaren veranderden de spelregels steeds. HVO was lang de makkelijke route. Toen werd de prijs ervan begin dit jaar ongeveer twee keer zo hoog, door RED III en de nieuwe brandstoftransitieverplichting. Volgens het ministerie is dat een bewuste keuze: het wegvervoer betaalt niet langer mee aan HVO in de binnenvaart. In een gesprek met KBN in april spraken overheid en sector af om te blijven praten over de energietransitie op de lange termijn.

Een motor gaat lang mee. Kies je verkeerd, dan zit je daar jaren aan vast. Een tijdpad helpt je om te kiezen tussen Stage V, hybride of een volledig elektrische aandrijflijn.

Deze bouwstenen liggen al klaar

Het tijdpad moet nog geschreven worden, maar een paar onderdelen liggen al op tafel.

Stage V-subsidie wordt geëvalueerd: voor passagiersschepen in de praktijk dicht. Met de Tijdelijke subsidieregeling verduurzaming binnenvaartschepen (2021–2025) kregen in de eerste vier jaar 376 schepen een bijdrage voor een nieuwe motor. Passagiersschepen konden daar sinds 2025 vrijwel niet meer op rekenen. Door strengere Europese staatssteunregels moest een schip na afloop als “schoon schip” gelden. Voor een passagiersschip betekent dat: minstens de helft van de energie komt uit brandstof zonder directe CO₂-uitstoot of uit stroom van de wal. Een losse Stage V-motor of katalysator haalt dat niet. Formeel waren passagiersschepen niet uitgesloten, maar vrijwel alle aanvragen werden afgewezen. BBZ noemde dat oneerlijk, omdat vracht- en passagiersvaart aan dezelfde emissie-eisen moeten voldoen. Het ministerie evalueert de regeling nu. De evaluatie verschijnt op 1 december 2026, later dan het eerder geplande 1 juli.

Nieuwe energielijnen krijgen geld. Voor de TS-VOEB-regeling is tot en met 2029 ongeveer €230 miljoen beschikbaar. Die is bedoeld voor elektrisch varen, waterstof en methanol. De eerste ronde, met zo’n €37 miljoen, is open van 17 november 2026 tot en met 16 maart 2027. Ook hier moet je schip na afloop een “schoon binnenvaartschip” zijn. Een Stage V-generator telt alleen mee in combinatie met een elektromotor en batterijen, en alleen bij ombouw van kleinere schepen (tot en met CEMT-klasse III).

Elektrisch varen is nu fiscaal in het nadeel.
Vaar je op scheepsdiesel dan betaal je geen accijns, dankzij de Akte van Mannheim. Vaar je elektrisch, dan betaal je wel energiebelasting. Dat vindt het kabinet scheef. De ministeries van Financiën en IenW onderzoeken daarom of die belasting omlaag kan.

Kijk ook over de grens

Op dezelfde dag dat evofenedex de motie toejuichte, nam Duitsland een eigen actieplan aan voor klimaatvriendelijke scheepvaart. Daar hoort €400 miljoen aan subsidie bij. Vaar je veel op Duitse wateren, houd dat plan dan in de gaten. Op 5 november volgt een conferentie over de uitwerking.

Hoe stevig is deze belofte?

Een overgenomen motie is een opdracht, geen wet. Hoe snel het tijdpad er komt, hangt af van het ministerie en van de politiek. Bij een kabinet zonder vaste meerderheid kan de koers bovendien snel veranderen. Reken dus niet op een definitieve routekaart voor volgend vaarseizoen.

Wat kun jij als scheepseigenaar nu doen?

Wacht niet tot het tijdpad er ligt. Begin met deze stappen:

– Zet je motoren en generatoren op papier. Noteer per motor het bouwjaar, de emissieklasse en de draaiuren. Schat ook in wanneer vervanging nodig is. Dan weet je straks meteen welke regeling bij je past.
– Leg de verschillende opties naast elkaar. Een SCR-katalysator of een revisie naar Stage V-niveau passen bij vrijwel elk toekomstscenario. Daarentegen zijn de subsidies die nu beschikbaar zijn niet eindeloos beschikbaar, en is nu het moment om daar optimaal van te profiteren.
– Kijk of de TS-VOEB bij je past. De eerste ronde opent op 17 november. Denk je aan (gedeeltelijk) elektrisch varen, zoek dan uit hoe je dat binnen de richtlijnen van de subsidie kunt doen en vraag offertes aan.
– Lees de evaluatie op 1 december. Daarin staat hoe goed de Stage V-subsidie werkte. Let vooral op wat erin staat over de afgewezen aanvragen van passagiersschepen, want die uitkomsten kleuren de volgende regeling.
– Laat je horen. Een tijdpad voor de binnenvaart wordt al snel geschreven vanuit de vrachtvaart. Een hotel- cq charterschip heeft een heel ander energieprofiel, met een grote hotelbelasting en veel uren aan de kade. Zorg via brancheverenigingen als KBN of BBZ dat hier aandacht voor komt, zodat de passagiersvaart ook een stem heeft in de regelgeving.

 

— BRONNEN —

– evofenedex, “Kabinet biedt binnenvaart duidelijkheid over verduurzaming”, 14 oktober 2026 – https://www.evofenedex.nl/actualiteiten/kabinet-biedt-binnenvaart-duidelijkheid-over-verduurzaming
– Tweede Kamer, Motie van het lid Goudzwaard c.s. over het afspreken van een haalbaar tijdpad voor verduurzamingsdoelen voor de binnenvaartsector (2026D49972) – via https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/moties
– Kamerbrief Zee- en binnenvaart, Kamerstuk 31 409, nr. 508, 7 juli 2026 (FAME-blends, energiebelasting elektrisch varen, evaluatie SRVB, gesprek KBN over HVO) – https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-31409-508.pdf
– Schuttevaer, “Waarom de binnenvaart niet sneller vergroent”, 4 oktober 2026 – https://www.schuttevaer.nl/nieuws/actueel/2026/10/04/waarom-de-binnenvaart-niet-sneller-vergroent/
– Schuttevaer, berichten over de Stage V-subsidie – https://www.schuttevaer.nl/nieuws/tag/stage-v/
– RVO, Subsidieregeling Verduurzaming Binnenvaartschepen (SRVB) – https://www.rvo.nl/subsidies-financiering/srvb
– Beleidsradar / Rijksoverheid, “Subsidie voor verduurzaming binnenvaart na zomer van start”, 22 april 2026 – https://www.beleidsradar.nl/documenten/subsidie-verduurzaming-binnenvaart-na-zomer-12422feb-2ed9-4eda-879f-aac62c9e5ecc
– BMV, persbericht Nationaler Aktionsplan klimafreundliche Schifffahrt, 14 oktober 2026 – https://www.bmv.de/SharedDocs/DE/Pressemitteilungen/2026/096-bilger-aktionsplan-klimafreundliche-schifffahrt.html

Stel: je overweegt jouw charterschip of hotelschip te laten ombouwen naar hybride aandrijving. De investering is fors, de terugverdientijd onzeker. Dat beeld kan er dit najaar heel anders uitzien. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 22 april de internetconsultatie geopend voor de Tijdelijke Subsidieregeling Vroege Opschaling Energietransitie Binnenvaart, kortweg TSVOEB. Tussen 2026 en 2030 is in totaal circa € 230 miljoen beschikbaar. De eerste ronde, met een budget van zo’n € 39 miljoen, wordt naar verwachting in september gepubliceerd en wordt in het vierde kwartaal van 2026 opengesteld.

Wat valt er te subsidiëren?
De TSVOEB richt zich op het installeren van een nieuwe ‘energielijn’: het complete aandrijfsysteem dat een schip in staat stelt emissievrij of klimaatneutraal te varen. Dat kan elektrisch (op batterijen of via een waterstof-brandstofcel), of via een verbrandingsmotor die op waterstof of methanol loopt. Voor kleinere schepen (<85 meter) is hybride-elektrisch ook een optie.

Per project loopt het maximale subsidiebedrag op van € 800.000 voor kleinere elektrische systemen tot € 3 miljoen voor waterstofoplossingen, afhankelijk van het gekozen systeem en de omvang van het schip. De basissubsidie dekt maximaal 50% van de subsidiabele kosten van de energielijn zelf. Voor kleine ondernemingen (minder dan 50 personeelsleden, minder dan 10 miljoen omzet) kan dit oplopen tot 70% van de subsidiabele kosten, en zelfs tot 80% als het schip na afronding van het project gekwalificeerd kan worden als emissievrij binnenschip. Een schip krijgt die kwalificatie als het vrij is van CO2 directe (uitlaat-/uitlaatsysteem)emissies.

De regeling geldt zeker ook voor passagiersschepen. Onder de vorige regeling (SRVB, afgelopen eind 2025) bleken veel passagiersschepen moeilijk aan de technische voorwaarden te voldoen, waardoor subsidie bleef liggen. De TSVOEB is breder opgezet en biedt ook mogelijkheden voor schepen in de passagiersvaart.

De eis voor passagiersschepen
Voor passagiersvervoer geldt als voorwaarde dat het schip na de investering een hybride of dualfuelmotor heeft die voor zijn normale functioneren minstens 50% van zijn energie haalt uit CO2-vrije directe emissies of uit plug-in-stroom. Kortom: vol elektrisch of een serieuze hybride, een kleine accu als bijdrage telt niet. Na installatie moet het schip ten minste 3 uur op vol vermogen elektrisch kunnen varen.
Dat stelt eisen aan de omvang van de investering. In de praktijk betekent dit dat een substantieel deel van de aandrijving moet worden vervangen of toegevoegd. Het is dan ook verstandig om nu al in gesprek te gaan met een scheepsbouwer of technisch adviseur over wat dit voor jouw specifieke schip betekent.

Voorbereiding is het halve werk
Tot 3 juni 2026 was er de mogelijkheid om input te leveren op de regeling. Het hoofdlijnenverslag wordt in juli 2026 verwacht. Daarna volgt een korte periode tot de daadwerkelijke openstelling. Wie dan al een offerte heeft en een technisch plan klaar heeft liggen, staat er goed voor.

Let op: werkzaamheden mogen pas beginnen nádat de subsidieaanvraag is ingediend. Begin dus niet alvast te bouwen, hoe verleidelijk ook.

Wat kun jij als scheepseigenaar nu doen?
Als je de installatie serieus overweegt start dan nu vast het gesprek met jouw werf of adviseur: welke aandrijfoptie past bij jouw vaarprofiel, welk vermogen heb je werkelijk nodig, en wat zijn de meerkosten ten opzichte van een conventionele installatie?
Bij de toewijzing van de subsidie wordt er gekeken naar de hoeveel CO₂-besparing per toegekende euro subsidie. Hoe groter de besparing, hoe groter de kans op toewijzing. Dit betekent dat een aanvraag die vergezeld gaat van een een goede berekening, onderbouwing, planning en begroting meer kans maakt.

—
BRONNEN
– Rijksoverheid, persbericht 22 april 2026: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2026/04/22/subsidie-voor-verduurzaming-binnenvaart-na-zomer-van-start
– Internetconsultatie TSVOEB: https://www.internetconsultatie.nl/vroege_opschaling_energietransitie_binnenschepen/b1
– Hezelburcht subsidieadvies, 4 mei 2026: https://www.hezelburcht.com/nieuws/nieuwe-subsidieregeling-voor-verduurzaming-binnenvaart-in-voorbereiding/
– EICB over passagierseis AGVV: https://www.eicb.nl/projecten/subsidie-verduurzaming-binnenvaart/
– Binnenvaartkrant, 30 april 2026: https://binnenvaartkrant.nl/230-miljoen-voor-ombouw-voortstuwing-binnenvaartschepen

 

Mogelijk laatste jaar belastingvoordeel voor het plaatsen van een vuilwatertank

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is dit jaar weer gekomen met een Brochure en Milieulijst. Op deze lijst staan alle bedrijfsmiddelen die in 2026 in aanmerking komen voor de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en/of de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Deze maatregelen kunnen een belastingvoordeel opleveren tot ruim 14% van de investering bovenop de reguliere investeringsregelingen.

Vanaf pagina 73 komt de scheepvaart aan de beurt. Het aanbod aan bedrijfsmiddelen is erg breed; een paar voorbeelden zijn een duurzame aandrijving voor zeeschepen, een antifoulingsysteem, walstroomaansluitingen voor zowel aan boord als aan de kade en een vuilwatertank. En die laatste verdient wellicht het meeste aandacht. Het is namelijk zo dat investeringen in wettelijk verplichte bedrijfsmiddelen niet in aanmerking komen voor de MIA en Vamil. Door inspanningen van de BBZ  staat dit nog steeds vermeld op deze lijst, maar de vraag is voor hoelang nog. Heb je nog geen vuilwatertank(s) en wil je er zeker van zijn dat je dit belastingvoordeel kan benutten, investeer dan dit jaar nog in de inbouw van een vuilwatertank.
Overigens geldt de aftrek niet alleen voor de materialen, maar op de complete inbouw.

In de brochure staat ook het stappenplan beschreven hoe je de aanvraag moet indienen. Let daarbij op dat je aanvraag binnen 3 maanden nadat je de aankoopverplichting bent aangegaan binnen moet zijn bij de RVO.
Voor vragen over de MIA en/of Vamil neem contact op met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland:
Telefoon 088 042 42 42
Contact https://www.rvo.nl/onderwerpen/contact

Nationale subsidies

Nationale subsidies voor een duurzame binnenvaart
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland publiceert op hun website de nationale subsidies die voor een duurzame binnenvaart beschikbaar zijn. Er zijn diverse ondersteunende maatregelen voor verschillende doelgroepen.

Subsidieregeling Verduurzaming Binnenschepen
De Subsidieregeling Verduurzaming Binnenschepen (SRVB) liep van 2021 t/m 2025. Vanaf 2024 is er een nieuwe eis aan de regeling toegevoegd. Alleen schepen die na afloop van het subsidietraject als ‘schoon schip’ konden worden aangemerkt mochten nog een aanvraag doen. Voor passagiersschepen betekende dit ‘schoon’ zijn een hybride of dualfuelmotor die voor zijn normale functioneren ten minste 50 % van zijn energie haalt uit brandstof met CO2-vrije directe (uitlaat)emissies of uit plug-in-power. Kortom, alleen een elektromotor kwam nog in aanmerking voor de subsidie.
Een aantal zeil- en motorschepen heeft deze subsidie voor 2024 ontvangen.

Vroege Opschaling Energietransitie Binnenvaartschepen
Vanaf 2026 start er een nieuwe subsidie voor de verduurzaming van de binnenvaart: de Tijdelijke Subsidieregeling Vroege Opschaling Energietransitie Binnenvaartschepen (TSVOEB).
Hoewel een en ander nog niet helemaal vast staat, staan hieronder de hoofdpunten die tot nu gedeeld zijn door de overheid, met de expliciete disclaimer erbij dat er nog veranderingen toegepast kunnen worden:
• De subsidie loopt van 2026 t/m 2029, met 4 openstellingen en start (hoogstwaarschijnlijk) in het derde kwartaal van 2026.
• Er is 200 miljoen voor gereserveerd, het bedrag loopt per jaar op, van 45 miljoen in 2026 t/m 65 miljoen in 2029. In totaal is er 30 miljoen beschikbaar voor hybride technieken en de rest voor emissieloze en klimaatneutrale technieken.
• De subsidie is alleen bestemd voor CAPEX investeringen (kapitaaluitgaven) en niet voor operationele kosten.
• Er wordt nog steeds onderscheid gemaakt tussen vrachtschepen en passagiersschepen om in aanmerking te komen voor de subsidie. (Hier werd helaas verder niet op ingegaan. De vraag hoe dit precies zit hebben we schriftelijk ingediend, maar nog geen antwoord op gekregen).
• De subsidies gelden voor een elektrische aandrijving met een batterijpakket of waterstofbrandstofcel. Als aangetoond kan worden dat dit niet passend is voor je vaarprofiel dan geldt het ook voor een methanol- of waterstofverbrandingsmotor.
Voor kleine schepen (specifiek genoemd werden CEMT-klasse I t/m III) kan de subsidie ook gebruikt worden voor een elektrische aandrijflijn naast een stage V (batterij ready) of een elektrische aandrijflijn met een stage V generator (batterij ready).
• De subsidiabele kosten zijn bij nieuwbouwschepen de meerkosten van aanschaf en plaatsing van de aandrijflijn t.o.v. de kosten van een conventionele aandrijflijn. En voor retrofit, de kosten voor de retrofit.
• Het basispercentage van de subsidie is 40%, maar het kan oplopen voor kleine ondernemingen die een emissievrij schip in de vaart brengen tot 70%. Deze percentages kunnen na 2026 aangepast worden.

De nationale subsidies voor een duurzame binnenvaart worden hier gepubliceerd.

Stage V

Flora en Fiep in 2023
De Flora en de Fiep hebben in de winter van 2022/2023 een nieuwe Stage V motor ingebouwd. In de winter 2023/2024 volgden de Gandalf en de Lena Maria. De eigenaren van deze schepen hebben daarbij gebruik gemaakt van de Subsidieregeling Verduurzaming Binnenvaartschepen. Dit betekent dat de eigenaren 60% subsidie hebben ontvangen van de totale kosten voor het installeren van een nieuwe stage V motor. Helaas geldt deze subsidieregeling sinds 2025 niet meer voor passagiersschepen.

De tijdelijke Subsidieregeling Verduurzaming Binnenvaartschepen was in het leven geroepen om twee doelen te realiseren. In de Green Deal Zeevaart, Binnenvaart en Havens zijn afspraken opgenomen over het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen in de binnenvaart. Einddoel is een nagenoeg emissieloze sector in 2050. Een belangrijk meetmoment is 2035, wanneer de uitstoot van milieuverontreinigende stoffen (denk aan fijnstof en stikstof) met 25% tot 50% moet zijn afgenomen. Hiernaast is er de structurele aanpak stikstofproblematiek, waarin het Rijk de nationale stikstofuitstoot wil terugdringen.

Volvo
De hierboven genoemde motorschepen hebben alle gekozen voor een Volvo Penta D8-MH 300pk met nabehandelingssysteem. Hierdoor neemt de uitstoot van stikstof en fijnstof aanzienlijk af. In 2024 gingen genoemde schepen op HVO100 varen. Hierdoor is ook de CO2 emissie met ca. 90% afgenomen.

Stage V

Artikel Schuttevaer maart 2023 (Bron: Schuttevaer – 26 maart 2023)

Stage V-motor als tussenstap voor motorcharterschepen Fiep en Flora
Toeristen die onderweg zijn naar museum Nemo boven de IJ-tunnel in Amsterdam hebben het niet door. Maar de Fiep en Flora liggen er vlak naast in het Oosterdok, klaar voor de start van een nieuw en bijzonder vaarseizoen. Want, dit jaar varen beide schepen voor het eerst met een Stage V-motor.
Op het dek van de Flora staan zo’n 20 fietsen, het 39,95 meter lange schip gaat aankomend seizoen 28 weken lang door Nederland, Duitsland en België varen. ‘Op drie weken na is alles volgeboekt.’ Gedurende zo’n reis stappen de passagiers in de ochtend van boord en fietsen naar een volgende locatie, waar het schip dan inmiddels ook is aangekomen. Aan boord krijgen ze ontbijt, diner en een hut. Een formule die in trek is bij met name Amerikanen en Duitsers. ‘We beginnen met de tulpentocht.’ Een vaartocht als een ansichtkaart.

Niet wachten
Aan boord van de Flora zitten Berthus van den Berg, eigenaar van de Flora en Jossie Verkerk van de naastgelegen Fiep. Beide passagiersschepen varen voor een overkoepelende organisatie Boat Bike Tours. ‘Daarmee zijn we verzekerd van werk en het scheelt ons een hele hoop marketing.’
De varende ondernemers wilden niet langer wachten met vergroenen. ‘We voelden wel de druk van de gemeente Amsterdam om te vergroenen’, zegt Van den Berg. ‘Amsterdam loopt voorop én wij doen dat nu ook met deze hermotorisering’, voegt Verkerk toe. De Flora heeft nu het Green Award-label goud en de Fiep het label zilver.

Stage V

Berthus van den Berg met de Flora en daarnaast de Fiep – klaar voor een nieuw vaarseizoen (Foto’s: Jelmer Bastiaans)

Subsidieaanvraag
De Scania in de Fiep en Caterpillar in de Flora stamden beide uit de jaren ’70 en zijn vervangen door Volvo Penta’s. ‘Zonder subsidie was dat niet gelukt’, zegt Van den Berg. Daarom zaten de schippers tijdens de jaarwisseling van 2021 naar 2022 klaar met een ingevuld formulier. Binnen de minuut werd de aanvraag gedaan. ‘Jossie was zes seconden sneller dan ik’, lacht Van den Berg.
Die snellere aanvraag van Verkerk werd wel eerst afgekeurd doordat het schip in de voorgaande periode geen 60 vaardagen in Nederland had gemaakt. Dat was niet gek, want de passagiersschepen konden helemaal niet varen in de coronatijd. ‘We hebben succesvol bezwaar gemaakt.’
De Flora haalde net wel de benodigde vaardagen. ‘Daarvoor heb ik de laatste maanden van het jaar nog veel door Nederland gevaren.’

Onzekere toekomst
Met een nieuwe en veel schonere voortstuwing zijn beide schepen klaar voor de toekomst. Toch is die toekomst onzeker. De passagiersschepen moeten ook voldoen aan de technische eisen van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) die 2035 ingaan. ‘Dat gaat echt nooit lukken op onze schepen’, stellen beide schippers.
Secretaris-generaal Lucia Luijten van de CCR, gaf vorige week vrijdag in Studio Schuttevaer aan dat er beroep moet worden gedaan op de zogenoemde hardheidsclausule om voor een ontheffing in aanmerking te komen. Scheepseigenaren kunnen via deze weg aantonen dat de eisen onhaalbaar zijn.
‘Dat is wel echt een heel werk. Wij zijn er nog niet aan begonnen. Per nieuwe regel die je niet haalt moet je die clausule invullen’, vertelt Van den Berg. Hij en Verkerk hebben er echter vertrouwen in dat er op een aantal punten generieke uitzonderingen komen. ‘Daar is de BBZ (branchevereniging chartervaart – red.) hard mee bezig.

BBZ
BBZ-voorman Paul van Ommen laat desgevraagd weten het roerend met de schippers eens te zijn. ‘Zij vergroenen maar twijfelen of de schepen straks de overgangstermijnen wel bij kunnen houden. Dat zou inderdaad eeuwig zonde zijn. De Fiep en Flora lopen vooruit op milieu en dat zou wat moeten betekenen.’
De onzekerheid heeft ze niet ervan weerhouden te investeren. ‘We laten hiermee ook zien dat we als sector door willen. Ook met het onzekere vooruitzicht. Er zijn ook mensen die wachten met investeren tot het volledig elektrisch kan. Dat willen wij uiteindelijk ook, maar dat duurt nog wel een aantal jaar. Daarom zien we deze hermotorisering als tussenstap.’
Wel een stap die meteen voordelen biedt. ‘Het geluid in de stuurhut is van 84 naar 62 decibel gegaan en ik hoef het achterdek niet meer elke dag te schrobben’, stelt Van den Berg tevreden. Beide schippers verwachten ook veel van de brandstofverbruiksmeter die in de stuurhut is gekomen. ‘Daar kijken we allebei naar uit om te gebruiken’, zegt Verkerk.
‘Ik denk dat ik rustiger ga varen, want je kunt nu precies zien hoeveel brandstof dat scheelt’, besluit Van den Berg.

Greenway