batteries

Scheepsgeneratoren draaien het grootste deel van de tijd  maar op tien tot vijftien procent van hun vermogen. En laat een dieselgenerator nou juist bij lage belasting relatief veel brandstof verbruiken. Op een hotelschip, waar het hotelbedrijf — koeling, keuken, verwarming, verlichting — de grote stroomvreter is, loopt dat verlies elke nacht door wanneer het schip niet aan de walstroom is aangesloten.

Er is een oplossing die al langer bestaat, maar tot nu toe vooral iets was voor nieuwbouw en grote refits: een accupakket aan boord. Dat verandert nu. Begin juni lanceerde Wattlab de WEstack, een gestandaardiseerd batterijsysteem voor de binnenvaart dat binnen één werkdag aan boord geïnstalleerd kan worden. Daarmee verdwijnt een belangrijke drempel: tijd.

Waarom een accu zoveel brandstof scheelt

Het principe is simpel. Zonder accu moet je generator continu draaien, ook als het schip ’s nachts maar een fractie van het vermogen vraagt. Met een accupakket draait de generator alleen nog op zijn optimale vermogen — het punt waarop hij het zuinigst is — om de accu’s te laden. Daarna gaat hij uit en levert de accu de stroom.

Datzelfde pakket vangt ook pieken op. Als de keuken ’s ochtends op volle toeren draait, hoeft er geen extra generator bij te springen: de accu levert het verschil. Dit “peak shaving” voorkomt precies die inefficiënte momenten waarop generatoren het meest verspillen.

Het resultaat: minder draaiuren, minder brandstofverbruik, minder onderhoud aan je generatoren — en minder uitstoot. Bijkomend voordeel voor je gasten: stilte.

Van maatwerk naar plug-and-play

De WEstack wordt volledig geassembleerd en getest in de werkplaats en hoeft aan boord alleen nog aangesloten te worden. Wattlab verwacht schaarste aan alternatieve brandstoffen in de nabije toekomst en stelt dat energiebesparing daarom de snelste en meest rendabele route is om uitstoot terug te dringen. Wie het HVO-prijsverhaal van de afgelopen tijd heeft gevolgd, herkent de logica: elke kilowattuur die je niet verbruikt, hoef je ook niet duur te vergroenen.

Slim voorsorteren op de walstroomplicht

Er is nog een reden om nu naar batterijen te kijken: de regels rond stilliggen veranderen. Rotterdam wil per 1 januari 2027 een walstroomverplichting invoeren voor de openbare binnenvaartligplaatsen in het stedelijk havengebied, ter vervanging van het generatorverbod. Ook Amsterdam verplicht aangemeerde schepen vanaf 2027 om aan te sluiten op walstroom. Opvallend detail uit Rotterdam: schepen die dankzij hun batterij-installatie zelf voldoende stroom hebben, komen in aanmerking voor een ontheffing.

Een accupakket is daarmee geen los gadget, maar een schakel in een groter systeem. Het maakt walstroomaansluitingen beter benutbaar (de accu vangt pieken op die de walkast niet aankan), het overbrugt ligplaatsen zónder walstroom, en het combineert goed met zonnepanelen op het dek.

Wat kun jij als scheepseigenaar nu doen?

Begin met meten. Breng in kaart hoeveel uur je generatoren per etmaal draaien en op welke belasting — veel moderne meters of een simpele datalogger laten dat zien. Draai je structureel op lage belasting, dan is de rekensom snel gemaakt: vraag bij leveranciers van gestandaardiseerde systemen een indicatie op van besparing en terugverdientijd voor jouw vaarprofiel. Check daarnaast de RVO-Milieulijst: investeringen in accusystemen en walstroomaansluitingen aan boord kunnen in aanmerking komen voor belastingvoordeel via MIA/Vamil. En plan slim: juist omdat installatie nog maar een dag kost, past deze stap in een korte winterstop — zonder dat je vaarseizoen eronder lijdt.

 

BRONNEN

Stel: je overweegt jouw charterschip of hotelschip te laten ombouwen naar hybride aandrijving. De investering is fors, de terugverdientijd onzeker. Dat beeld kan er dit najaar heel anders uitzien. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 22 april de internetconsultatie geopend voor de Tijdelijke Subsidieregeling Vroege Opschaling Energietransitie Binnenvaart, kortweg TSVOEB. Tussen 2026 en 2030 is in totaal circa € 230 miljoen beschikbaar. De eerste ronde, met een budget van zo’n € 39 miljoen, wordt naar verwachting in september gepubliceerd en wordt in het vierde kwartaal van 2026 opengesteld.

Wat valt er te subsidiëren?
De TSVOEB richt zich op het installeren van een nieuwe ‘energielijn’: het complete aandrijfsysteem dat een schip in staat stelt emissievrij of klimaatneutraal te varen. Dat kan elektrisch (op batterijen of via een waterstof-brandstofcel), of via een verbrandingsmotor die op waterstof of methanol loopt. Voor kleinere schepen (<85 meter) is hybride-elektrisch ook een optie.

Per project loopt het maximale subsidiebedrag op van € 800.000 voor kleinere elektrische systemen tot € 3 miljoen voor waterstofoplossingen, afhankelijk van het gekozen systeem en de omvang van het schip. De basissubsidie dekt maximaal 50% van de subsidiabele kosten van de energielijn zelf. Voor kleine ondernemingen (minder dan 50 personeelsleden, minder dan 10 miljoen omzet) kan dit oplopen tot 70% van de subsidiabele kosten, en zelfs tot 80% als het schip na afronding van het project gekwalificeerd kan worden als emissievrij binnenschip. Een schip krijgt die kwalificatie als het vrij is van CO2 directe (uitlaat-/uitlaatsysteem)emissies.

De regeling geldt zeker ook voor passagiersschepen. Onder de vorige regeling (SRVB, afgelopen eind 2025) bleken veel passagiersschepen moeilijk aan de technische voorwaarden te voldoen, waardoor subsidie bleef liggen. De TSVOEB is breder opgezet en biedt ook mogelijkheden voor schepen in de passagiersvaart.

De eis voor passagiersschepen
Voor passagiersvervoer geldt als voorwaarde dat het schip na de investering een hybride of dualfuelmotor heeft die voor zijn normale functioneren minstens 50% van zijn energie haalt uit CO2-vrije directe emissies of uit plug-in-stroom. Kortom: vol elektrisch of een serieuze hybride, een kleine accu als bijdrage telt niet. Na installatie moet het schip ten minste 3 uur op vol vermogen elektrisch kunnen varen.
Dat stelt eisen aan de omvang van de investering. In de praktijk betekent dit dat een substantieel deel van de aandrijving moet worden vervangen of toegevoegd. Het is dan ook verstandig om nu al in gesprek te gaan met een scheepsbouwer of technisch adviseur over wat dit voor jouw specifieke schip betekent.

Voorbereiding is het halve werk
Tot 3 juni 2026 was er de mogelijkheid om input te leveren op de regeling. Het hoofdlijnenverslag wordt in juli 2026 verwacht. Daarna volgt een korte periode tot de daadwerkelijke openstelling. Wie dan al een offerte heeft en een technisch plan klaar heeft liggen, staat er goed voor.

Let op: werkzaamheden mogen pas beginnen nádat de subsidieaanvraag is ingediend. Begin dus niet alvast te bouwen, hoe verleidelijk ook.

Wat kun jij als scheepseigenaar nu doen?
Als je de installatie serieus overweegt start dan nu vast het gesprek met jouw werf of adviseur: welke aandrijfoptie past bij jouw vaarprofiel, welk vermogen heb je werkelijk nodig, en wat zijn de meerkosten ten opzichte van een conventionele installatie?
Bij de toewijzing van de subsidie wordt er gekeken naar de hoeveel CO₂-besparing per toegekende euro subsidie. Hoe groter de besparing, hoe groter de kans op toewijzing. Dit betekent dat een aanvraag die vergezeld gaat van een een goede berekening, onderbouwing, planning en begroting meer kans maakt.


BRONNEN
– Rijksoverheid, persbericht 22 april 2026: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2026/04/22/subsidie-voor-verduurzaming-binnenvaart-na-zomer-van-start
– Internetconsultatie TSVOEB: https://www.internetconsultatie.nl/vroege_opschaling_energietransitie_binnenschepen/b1
– Hezelburcht subsidieadvies, 4 mei 2026: https://www.hezelburcht.com/nieuws/nieuwe-subsidieregeling-voor-verduurzaming-binnenvaart-in-voorbereiding/
– EICB over passagierseis AGVV: https://www.eicb.nl/projecten/subsidie-verduurzaming-binnenvaart/
– Binnenvaartkrant, 30 april 2026: https://binnenvaartkrant.nl/230-miljoen-voor-ombouw-voortstuwing-binnenvaartschepen

Greenway